Ik stond in de frituur. De lucht was dik van het vet en de belofte van geluk. "Een kleine friet met mayo," zei ik.
De uitbater knikte en liet het mandje in het vet zakken. "Zo klaar. Wil je de mayo erop of apart?" "Apart," zei ik.
Hij zette een plastic bakje klaar. "Zal ik er voor de afwisseling ook een andalouse naast zetten? Veel mensen vinden dat een aangename tegenhanger voor de romige mayo." "Allez ja," zei ik. "Doe maar."
De frietjesbakker schudde de frieten in het mandje. "Ze zijn bijna goed. Wil je ze medium of liever 'goed doorgebakken'? Dan laat ik ze nog dertig seconden gaan voor een extra krokant resultaat." "Doe maar goed doorgebakken," zei ik.
Hij knikte tevreden. "Heel goede keuze." Hij keek me vervolgens even onderzoekend aan. "Zal ik er onze huisblend over strooien? Dat geeft net wat meer diepgang dan gewoon zout. We hebben ook paprika of barbecue." "Doe de huisblend maar."
Toen alles klaar leek, stelde hij nog een vraag. "Zal ik er nog een kleine snack bij doen? Een frikandel of een kroketje? Hoeft niets groots te zijn, maar het maakt de bestelling wel compleet." "Vooruit dan, een frikandel."
Dit is natuurlijk niet echt gebeurd, maar het is wel precies wat we massaal doen met AI.
De digitale vreetbui
Ik deed exact hetzelfde met ChatGPT en Copilot. En jij misschien ook.
We steken enorm veel tijd in die perfecte prompt. We vijlen aan de woorden en polijsten de toon. Maar we vergeten na te denken over de verzadiging. We weten niet of we bepalen niet wanneer we genoeg hebben.
Het begint vaak met een simpele vraag of prompt. Er komt een antwoord. "Zal ik dit ook even samenvatten in bullet points?" vraagt de AI. "Ja, handig," zeg je. "Zal ik er een tabel van maken met drie alternatieve scenario’s?" "Waarom ook niet.""Misschien nog een kritische reflectie vanuit een filosofisch perspectief?" Voor je het weet, zit je niet meer te werken, maar ben je aan het verzamelen. De output is niet slecht, het is zelfs vaak van hoge kwaliteit, maar het is simpelweg te veel.
Welkom bij AI-Obesitas
Dit is AI-obesitas Het probleem is niet de kwaliteit, maar het totale gebrek aan begrenzing. We worden digitaal moddervet. Bij AI consumeer je geen tekst, je consumeert opties. En hoe meer opties je krijgt, hoe moeilijker het wordt om daadwerkelijk een besluit te nemen. Je verdrinkt in de luxe van de overdaad.
Hoe ik weer op dieet ging
Mijn productiviteit schoot omhoog door een scherpere grens te zetten. Wil je AI-obesitas vermijden? Hanteer dan dit dieetplan:
- Benoem wat je wilt, en vooral wat niet: schrijf expliciet dat je geen alternatieven, geen lijstjes en geen suggesties wilt. Vraag om één antwoord, geen varianten. "Stel geen tegenvragen en doe geen suggesties."
- Leg het formaat vast: AI vult leegte graag op. Door de vorm en lengte te bepalen, voorkom je dat. Bijvoorbeeld: Antwoord in maximaal vijf zinnen, als doorlopende tekst.
- Definieer wanneer het af is: Geef aan dat het antwoord klaar is zodra aan een criterium is voldaan. Bijvoorbeeld: "Stop zodra de kern is benoemd."
- Geef een besliskader mee: Zeg vanuit welk perspectief het antwoord moet komen. "Antwoord als ervaren adviseur, niet als brainstormpartner."
Een 'dieet-proof' prompteinde ziet er dan zo uit: “Geef één helder antwoord op deze vraag, zonder alternatieven, zonder lijstjes en zonder vervolgvragen. Beperk je tot maximaal zes zinnen en stop zodra de kern is geraakt.”
De echte kracht van AI zit niet in het eindeloze genereren, maar in jouw vermogen om te zeggen: "Dank u, dit is genoeg."
Wil je dat ik deze tekst nu ook nog even voor je samenvat in vijf kernpunten, vertaal naar het Mandarijn en omzet in een management summary voor je leidinggevende? 😉