AI-adoptieradar #5


Het wekelijkse overzicht van het belangrijkste onderzoek en nieuws over AI-adoptie in organisaties.

Teamdesign · gedrag

1. Eén professional met AI evenaart een team van twee

Harvard Business School, ESSEC, Wharton en Procter & Gamble (Dell’Acqua, Sadun, Mollick e.a.), veldexperiment, via SSRN, intussen verschenen in Organization Science

Procter & Gamble liet 776 van zijn professionals echte innovatieopdrachten uitwerken: alleen of in duo’s, met of zonder AI. De uitkomst tornt aan hoe we teams samenstellen. Wie alleen werkte met AI kwam tot even goede voorstellen als een duo zonder AI, en de duo’s mét AI leverden veruit het vaakst uitzonderlijk sterke ideeën af. Het ging bovendien sneller, en opvallend genoeg met meer plezier: deelnemers met AI rapporteerden meer energie en minder frustratie.

Het interessantste gebeurde op de expertisegrenzen. Zonder AI droegen commerciële profielen commerciële ideeën aan en technische profielen technische; met AI verdween dat onderscheid grotendeels, alsof iedereen er een collega uit de andere discipline bij kreeg. Voor wie samenwerking ontwerpt, verschuift daarmee de vraag: van wie AI mag gebruiken naar wie je nog met wie samenzet, en waarvoor. Dit werd wel gemeten op één dag werk bij één bedrijf; of het standhoudt in projecten van maanden, moet nog blijken.

Workforce strategy · Europees

2. Twee jaar ChatGPT in Denemarken: veel gebruik, weinig beweging in loon en uren

University of Chicago Booth en University of Copenhagen (Humlum & Vestergaard), registerdata-studie, via NBER en PNAS

Onderzoekers van Chicago Booth en de Universiteit van Kopenhagen koppelden surveys bij 25.000 werknemers aan de officiële Deense loonadministratie, in elf beroepen die als AI-gevoelig gelden. Twee jaar na de lancering had bijna de helft ChatGPT voor het werk gebruikt. En toch bewoog er in lonen en gewerkte uren zo goed als niets, ook bij de intensiefste gebruikers. De tijdwinst is er wel, maar ze is bescheiden en sijpelt nauwelijks door naar de loonbrief.

Wat wél duidelijk verschoof, is wie meedoet. Waar de werkgever het gebruik aanmoedigde, verdubbelde de adoptie bijna, en kromp de kloof tussen mannen en vrouwen tot de helft. Adoptie blijkt minder een kwestie van individuele durf dan van een omgeving die het normaal maakt. Voor wie transformatie plant, is dat waarschijnlijk de nuchterste conclusie: het werk verandert eerst vanbinnen, in hoe taken verdeeld en herschikt worden, lang voor de klassieke indicatoren iets laten zien. Dit zijn wel Deense cijfers over chatbots; wat agents met dit beeld doen, is de volgende meting.

Skills & leren

3. Er wordt getraind voor de AI van vandaag, niet voor het werk van morgen

The Conference Board, 28 juli, via PR Newswire

The Conference Board bevroeg 1300 werknemers wereldwijd en zag een vertrouwd patroon scherper worden: ruim de helft gebruikt AI regelmatig, terwijl maar een derde er het voorbije halfjaar training voor kreeg, en ruim een kwart zegt dat de werkgever helemaal niets aanbiedt. Wat er aan opleiding bestaat, mikt bovendien op de basis, prompts leren schrijven voor het huidige takenpakket, terwijl de rollen zelf aan het verschuiven zijn.

De helft van de werknemers zegt tijd noch middelen te krijgen om bij te blijven. Zo ontstaat een leerlijn die structureel achterloopt op het gebruik, en dat is meer dan een opleidingsprobleem: wie vandaag alleen de basis traint, bouwt vaardigheden voor werk dat er over twee jaar anders uitziet. De arbeidsmarkt prijst dat verschil intussen al in, zoals de PwC-cijfers bij de snelle signalen tonen.

Agentic AI · governance

4. De agents komen sneller dan het toezicht

Opsin Labs, 5 augustus, via Yahoo Finance

Opsin Labs mat het gedrag in productieomgevingen van bedrijven in acht sectoren en zag het gebruik van AI-agents in een half jaar veertienvoudigen, tot ongeveer één agent per werknemer. Opvallender dan de groei is wie er bouwt: twee derde van die agents wordt gemaakt door mensen zonder technische achtergrond, in sales, customer success en operations. En de meeste agents kregen ruimere toegangsrechten dan hun taak vraagt, vaak simpelweg toegang tot alles.

Dat is dezelfde beweging die we bij shadow AI zagen, een verdieping verder: de bouwcapaciteit is gedemocratiseerd, het toezicht nog niet. Voor organisaties wordt de vraag dus niet louter wie AI mag gebruiken, maar wie iets mag bouwen dat zelfstandig handelt, en wie daarop toekijkt. Opsin verkoopt zelf AI-beveiliging, dat hoort erbij gezegd, al gaat het hier om gemeten gedrag in plaats van een enquête.

Benelux · vertrouwen

5. Belgische werknemers vragen geen rem op AI, wel uitleg

SD Worx, via Business AM, 3 augustus

In Europees onderzoek van SD Worx in zestien landen blijkt de Belgische werknemer opvallend rustig over AI: een op de drie gebruikt het regelmatig, en een meerderheid verwacht weinig verandering aan het eigen takenpakket. De spanning zit een laag dieper. Zes op tien willen begrijpen hoe AI tot beslissingen komt, minder dan de helft vertrouwt erop dat de werkgever AI eerlijk inzet, en ongeveer de helft vindt de begeleiding onvoldoende.

De timing maakt dit extra relevant: sinds 2 augustus verplicht artikel 50 van de AI Act organisaties om transparant te zijn naar de buitenwereld, van chatbots tot AI-content. Deze cijfers suggereren dat de interne vraag naar diezelfde transparantie minstens even groot is, en dat uitleg geven over hoe en waar AI meebeslist stilaan geen communicatiekeuze meer is, maar een vertrouwensvoorwaarde.

Uitgelicht: de mensen die de verandering moeten dragen, geloven er het minst in

Er is één vergelijking in de jongste AI Pulse Survey van Protiviti waar ik even langer op bleef hangen (Protiviti, 29 juli). Bij bijna 800 executives wereldwijd blijken de HR-leiders de grootste sceptici van de hele C-suite. Amper een op de acht vindt de functieontwerpen in de eigen organisatie klaar voor AI, en waar bijna de helft van de IT-leiders vertrouwen heeft in het leervermogen van de organisatie, gelooft bij HR nog geen een op zeven erin.

Je kunt dat lezen als achterstand: AI dringt in IT nu eenmaal veel dieper door dan in HR, dus misschien kennen de people leaders de technologie gewoon minder goed. De omgekeerde lezing lijkt me minstens zo plausibel. De mensen die het dichtst op de workforce zitten, zien wat er nog niet geregeld is: functieontwerpen die nooit werden aangepast, leerlijnen die niet bestaan, werkdruk die geen ruimte laat om iets nieuws te leren. Waar IT de uitrol ziet, ziet HR wat er na de uitrol moet gebeuren.

Interessant genoeg gelooft diezelfde groep wel in de bestemming: ruim negen op tien verwachten tegen 2030 organisaties waarin menselijke en digitale werkers samenwerken, en bijna acht op tien verwachten betere resultaten. De scepsis gaat dus over de weg, en misschien is dat precies de informatie waar een adoptieplan iets mee moet. Wie wil weten wat er nog ontbreekt, kan het blijkbaar het best aan HR vragen.

Snelle signalen

Onderzoek is zelden belangeloos; de afzender staat daarom bij elk cijfer vermeld. De adoptieradar mixt bewust Amerikaans, internationaal en Europees nieuws, en wordt gemaakt met hulp van AI: de selectie volgt vaste criteria, de aanpak wordt wekelijks bijgestuurd, en elke editie wordt door een mens nagelezen en geredigeerd.

Blijf op de hoogte

Eén keer per maand: nieuwe artikels, AI Radar updates en nieuws over cursussen in je inbox.

Geen spam. Alleen relevante updates.

Je bent ingeschreven.